Topfavoriet zijn en het rustig afmaken. Vooralsnog niet Remco’s handelsmerk. Eerder de rest verrassen met een vroege aanval en weg blijven. Vandaag droeg hij rijn rol bijzonder waardig. Zijn ploeg van bij de start alle kopwerk laten doen. Niet te vroeg vertrekken. Het was Grégoire die het vuur aan de lont stak, waardoor Remco niet zelf moest demarreren. In schuifjes werd de kopgroep tot 3 man gereduceerd. Ook de duivelse Skjelmose, die Evenepoel en Pogacar vorig jaar zeer verrassend vloerde in de sprint, was mee. Finaal was hij de enige die Remco kon volgen. Hij had er kunnen van weg rijden, maar gezien de tegenwind koos hij om de Deen mee te nemen en dus voor zijn sprint. Moedig na de nederlaag van vorig jaar. Maar hier had ie in de winter aan gewerkt. Dat heet dan vertrouwen. Dat vertrouwen bleek terecht want in de sprint was hij een paar klassen te sterk. Zeer volwassen overwinning van onze landgenoot. Bijna op reserve.

Leave a comment

Vorig jaar kregen we in de Brabantse Pijl een duel tussen onze 2 Vlaamse chouchous Van Aert en Evenepoel. Dit jaar geen van de 5 tenoren aan de start. Dan zou je verwachten dat de subtoppers met het mes tussen de tanden aan de start staan en hun kans grijpen. Een uitgelezen kans voor mannen als Grégoire, Cosnefroy, Del Grosso, Vermeersch om een mooie koers te winnen. In normale omstandigheden ook voor Wellens, maar dit was pas zijn eerste koers na zijn sleutelbeenbreuk. Vermeersch bleek vermoeid na een lang en fantastisch sterk voorjaar. De anderen probeerden het wel, maar konden onvoldoende voorsprong nemen op het peloton. Dat viel de kopgroep in de slotkilometer in de nek. Cosnefroy spurtte vanuit de kopgroep wel nog knap naar een derde plaats, maar Quinten Hermans en Anders Foldrager kwamen er nog over. De onbekende Deen werd door niemand gespeeld, wat toch wel zeer uitzonderlijk is. En aangeeft hoe onverwacht deze overwinning kwam. Een topdag voor de bookmakers en gokkantoren.

Mats Masschelein en Urson Vermeersch hadden Grégoire, Hermans en Cosnefroy opgesteld en eindigden ex aequo. Het is echter Mats die met de bloemen gaat lopen wegens een iets goedkopere ploeg. Na de Scheldeprijs de 2e ruiker in een dikke week tijd voor Mats.

In de stand springt Ivo Goderis dankzij Cosnefroy terug over Fabrice en Tom naar de leidersplaats. 

Leave a comment

Weer-ga-lo-ze Wout Van Aert klopt de wereldkampioen op de piste in Roubaix. Hoe hard heb ik verlangd om dit te kunnen schrijven. Hoe hard heeft wielerminnend Vlaanderen hiernaar gesnakt. Hoe hard gunde de volledige community Wout deze overwinning na al zijn tegenslagen. Vorige week had ik het vat met superlatieven open getrokken. Objectief gezien vind ik de Ronde van vorige week nog steeds straffer. De 5 besten man tegen man. Wielerporno. Maar wat we gisteren meemaakten, was pure wielerextase!

Bij de start van de live uitzending (op zo’n 130km voor de finish) was er géén kopgroep. Het gemiddelde lag ruim boven de 50 en we zagen vooraan het peloton de kopjes van Pogacar en Wout Van Aert blinken. Je voelde aan je dikke teen dat hier spektakel in de maak was. Pogacar nam net zoals in de Ronde zonder discussie de volle verantwoordelijkheid en zette zijn ploeg op kop. Toen de Sloveen echter plat reed op een vroege kasseistrook, reden zijn ploegmaats vreemd genoeg allemaal verder. Overmoedig van de wereldkampioen, maar ook een fout van de ploeg. In Roubaix is er geen compact peloton en is het dikwijls zeer lang wachten op de ploegwagen. Zo lang dat Pogacar zelfs even op de neutrale shimano fietsen doorreed tot hij een tweede keer moest wisselen naar zijn vertrouwde Colnago. Met nog 125km te gaan had UAE 30km om hun kopman weer voorin te brengen tegen het Bos. Ze hebben serieus hun tenen moeten uitkuisen om dit te realiseren. Wout en Mathieu hadden namelijk hun ploeg op kop gezet om het de Sloveen zo moeilijk mogelijk te maken. Zelfs in die mate dat Pogi daar al zonder ploegmaats viel en het laatste deel solo moest dicht rijden! Wout Van Aert wou op kop het Bos in. Goeie keuze, want achter hem viel Van der Poel plat. Uiteraard een zeer ongelukkig moment, maar niets verloren. Ware het niet dat de Alpecin ploeg daar pijnlijk in de fout ging. Philipsen stopte meteen om zijn fiets aan de kopman te geven (klasse), maar niemand leek te weten dat beide kopmannen met andere schoenplaatjes reden. Daarna gaf Del Grosso zijn voorwiel af, maar ook dit leek niet te werken. Finaal moest Van der Poel nóg eens van fiets wisselen op het einde van het Bos. 2’25” achterstand en koers gereden. Dit was het altijd professionele Alpecin nog niet eerder overkomen. Was er net als bij UAE ook hier een beetje overmoed en laksheid in de ploeg geslopen? In alle geval kregen we na het bos het ideale scenario voor Wout. Samen met zijn maatje Laporte in een kopgroep van 7. Het groepje groeide het ene moment aan toen Ganna en Meeus aansloten, maar kromp het andere moment weer in na lekke banden. Onder andere Pogacar en Van Aert (ook tweemaal lek). Intussen raapte Van der Poel het ene na het andere groepje op en begon ook opnieuw in zijn kansen te geloven. Toen hij op 25 seconden kwam, voelde Van Aert dat het tijd was om door te trekken. Zijn Nederlandse concurrent mocht niet terug in de kopgroep komen. Hij versnelde en enkel de wereldkampioen kon nog volgen. Ze waren vertrokken. Op Mons-en-Pévèle, vijfsterrenstrook en de enige niet-vlakke strook, viel te voorspellen dat Tadej Wout er wou af krijgen. Onze landgenoot boog, vrat zijn stuur op, maar barstte niet. Vanaf dan liet onze landgenoot de meerderheid van het werk over aan de Sloveen. Critici zullen dit profiteren genoemd hebben, maar om twee redenen was dit aanvaardbaar. Ten eerste had de wereldkampioen hem er proberen afrijden en moest hij niet naïef volle bak kop blijven doen om dan op een volgende counter te lopen. Ten tweede kon hij uiteraard ook rekenen op zijn sprint. Op Carrefour, de laatste vijfsterenstrook, probeerde Tadej het nog eens maar maakte daarbij een kleine slipper, waardoor Wout moeiteloos scheen te volgen. Vanaf dan berustte de Sloveen in de situatie. Ze zouden sprinten. Op de piste maakte Wout het perfect af. De kop opgedrongen en er dan net voor de laatste bocht op en over gaan. Onweerstaanbaar sprintte hij alle frustratie van de voorbije jaren weg en met een oerkreet kwam hij over de streep. Werkelijk iedereen gunde het onze landgenoot en kwam hem knuffelen en feliciteren. Een sterke Stuyven sprong achter de 2 toppers nog naar de derde plaats. Van der Poel mocht trots zijn op zijn vierde plaats.

Thomas Van De Walle van de Nachtlichtjes behaalde een monsterscore van 961 punten. Fabrice Laga en Stefan De Couvreur stonden niet op de finishfoto. Fabrice, lid van de De Ghellinck Die Hards, springt dankzij zijn tweede plaats wel naar de leiding. Tom Gybels stijgt terug een plaatsje. Brecht Vandevyver zakt naar plaats 3.

Woensdag start met de Brabantse pijl het derde en laatste deel van de pronostiek. Vooraan staat alles nog op een zakdoek. Het belooft een spannende eindstrijd te worden.

Leave a comment

Tim Merlier, de beste sprinter ter wereld, had de hele winter knieproblemen gehad. Zijn droomkoers, In Flanders Fields, is ie niet eens gestart. De Scheldeprijs was zijn tweede koers van het seizoen. Ik had hem een berichtje gestuurd dat het resultaat niet belangrijk was, dat hij er moest van genieten. En of ie dat deed. Zijn positionering is ie alleszins niet verleerd. De ploeg had hem wel goed afgezet, maar Bert Vanlerberghe, zijn vaste lead out, kon hem niet meer lanceren. Hij stond er dus alleen voor. Als je hem volgt vanuit de helikopter, zie je dat hij van wiel naar wiel gaat en telkens de juiste keuze maakt. Hij gaat als eerste aan en slaat meteen een gat dat de anderen niet meer goed kunnen maken. De perfecte sprint. De ontlading aan de finish was groot voor de anders altijd ijzig kalme Merlier. Merlier is back en maakt meteen het voorjaar van Soudal Quick step (een beetje) goed. Alweer.

Mats Masschelein was één van de 23 spelers die Merlier toch in hun ploeg had opgenomen. Met zijn ‘Processiespurters’ haalt hij het van Lars Heindryckx (tweede podium bij zijn eerste deelname) en ancien Thomas Soete.

Bij de klassementsmannen geen Merlier. Brecht Vandevyver had wel Jasper Philipsen opgesteld in zijn team ‘Mario Chipolata’ en springt daarmee over Ivo Goderis naar de eerste plaats. Tom Gybels blijft derde. 

Leave a comment

Le-gen-da-risch. De verwachtingen waren torenhoog met een deelnemersveld dat (met uitzondering van de WK’s) nooit vertoond was. We konden in feite alleen maar ontgoocheld zijn. In tegendeel, het werd zo mogelijk nóg straffer. Een urenlang gevecht van man tot man tussen de 5 beste eendagscoureurs van hun generatie. De vroege vlucht was zeer veelbelovend. ‘s Morgens bij de start had ik Victor Vercouillie, de ontsnappingskoning uit Beveren-Leie, aangesproken. Dat hij het toch niet opnieuw ging flikken zeker. Oh jawel 🙂 Maar naast onze lokale hardrijder waren er nog 11 anderen mee, waaronder ook Sylvan Dillier. Meesterknecht van VDP en enkele jaren terug vanuit de vroege vlucht 2e in Roubaix. Deze vlucht had kans om tot diep in de finale te dragen. Mikkel Bjerg zorgde echter op zijn eentje dat dit niet gebeurde. Wat een topprestatie van de Deen. Knap ook van Baldato en Pogacar om zonder verpinken het werk op te knappen. Toen Florian Vermeersch doortrok ontstond er een elitegroepje van 18 met de 5 toppers, aangevuld met meesterknechten zoals Vermeersch 1 (UAE), Vermeersch 2 en Van Dijke (Red Bull) en Laporte (Visma). VDP en Pedersen zaten alleen. Fenomenaal dat laatstgenoemde dit niveau al haalt nadat ie op 4 februari zijn linkerpols en rechtersleutelbeen brak. Wat een klasse. De 18 werkten intussen goed samen en reden tot bij de kopgroep. Van Aert hield zich slim achteraan de groep. Het was niet zijn plicht om het gat toe te rijden. Het was wachten op de 2e passage van de Kwaremont. Daar zette Pogacar zich op kop en reduceerde de kopgroep van 30 tot de grote 5. Koers porno van de bovenste plank! Na het Kwaremontplein schakelde hij zo mogelijk nóg een paar versnellingen hoger. Pedersen brak als eerste. Van Aert (taktisch perfecte koers) zat in het wiel van de ontketende Sloveen, maar op het laatste knikje moest hij het gat laten vallen. Hij zou de wereldkampioen niet meer terug zien. VDP en Evenepoel reden Wout voorbij en konden wel aansluiten. Op de Paterberg moest ook Evenepoel een klein gaatje laten. Met nog 52km te gaan en met 2 kampioenen voor je die voorbeeldig samenwerkten, zou geen enkele normale mens die onmogelijke strijd aangaan. Remco wel. Die is 52km blijven beuken om terug te komen. Wàt een strijder! Blijf vanaf nu alstublieft bij ons in het voorjaar Remco! Te beginnen met zondag Roubaix. Hij bleef de 2 kampioenen vooraan constant onder druk zetten en tekende het doodvonnis voor VDP. Die voelde zich verplicht om mee te werken en zag zo beetje bij beetje zijn schijnbaar eindeloze energievat leeg lopen. Op de laatste keer Kwaremont moest ook hij finaal de rol lossen. Daar reden de 5 kampioenen dan. Elk alleen. Elk op hun juiste plaats. Mooiste koers aller tijden? Enige wat nog ontbrak voor een volledige wielerextase is dat geen landgenoot kon winnen. Ze deden het echter allemaal voortreffelijk. Niets aan die fenomenen te doen. En Pogacar, daarvoor is de term fenomeen niet meer genoeg. Als hij zondag Roubaix zou winnen, dan is dat zijn vijfde monument op een rij. En dan tel ik er niet eens het WK bij. Nooit eerder vertoond. Dan is ie voor mij nu al de grootste eendagsrenner ooit. Ook al ligt hij dan nog enkele overwinningen achter op Merckx zijn 19 monumenten. 

In de pronostiek waren de ploegen met de Sloveen niet aan het feest. Het was Stephanie Himpe, eindwinnares in 2021, die met de bloemen aan de haal ging. Daarna een ex aequo tussen Eddy Staelens, Bart De greveleer en Ivo Goderis. Laatstgenoemde springt ook terug naar de leiding met zijn ploeg ‘Godverdomme Kurt’. Brecht Vandevyver (nummer 3 van vorig jaar) blijft tweede. Tom Gybels zakt naar plaats 3.

Leave a comment

Hoofdsponsors

Sponsors