In de aanloop naar de lenteklassiekers vielen de renners als vliegen uit door ziekte. Zelden gezien. Te verklaren door een terugval in hygiëne post Covid? In alle geval waren veel ploegen onthoofd. Topfavorieten als Alaphilippe, Stuyven en Ewan stonden niet aan de start in Milaan. Mathieu Van der Poel maakte de omgekeerde beweging. Stond origineel niet op het wedstrijdblad maar zogezegd door de vele afzeggingen werd hij opgeroepen voor zijn eerste wedstrijd van het seizoen. Een trucje om de druk wat af te houden als je het mij vraagt. Maar als VDP start, moet je met hem rekening houden. Met Pogacar en Van Aert waren er twee topfavorieten. Hun ploegen maakten de wedstrijd hard onderweg. Op de Cipressa werd het peloton al serieus uitgedund en moest Jakobsen er af, toch de snelste sprinter van het pak op dit moment. Op de Poggio was het dan aan Pogacar. Hij demarreerde al vroeg op de beklimming maar kreeg geen vrijheid. Tot vier keer toe probeerde hij het maar telkens was het Van Aert die hem terug pakte. De twee topfavorieten reden mekaar de vernieling in. Toch waren de demarrages niet voor niets want bij het inzetten van de afdaling bleef er een mooie kopgroep over van een twintigtal renners. Daaruit ontsnapte Matej Mohoric, de Sloveense kampioen (wat een luxe hebben ze daar). De ex-wereldkampioen bij de junioren en de beloften staat gekend als een uitstekende daler. Bovendien had hij als eerste wegrenner een ‘dropper post’ laten installeren. Een hydraulisch systeem uit het mountainbiken waarmee je je zadel kan laten zakken voor meer controle tijdens technische afdalingen. De favorieten zaten dus met een dik probleem. Veel voorsprong had de Sloveen niet, maar er was ook niemand meer die ploegmaats bij had om het gat te dichten. Hij kon het dan ook uitzingen tot de streep en wint verdiend zijn eerste monument. Anthony Turgis sprong nog weg naar de tweede plaats en Van der Poel (schrijf hem dus maar op voor de Ronde en Roubaix) won de sprint van de achtervolgers.
Gilles Van Welden had net als 21 anderen onder ons de Sloveen in zijn ploeg. Ilse De Cnuydt en Louis Detavernier mogen mee op het podium.
Gilles neemt ook met ruim overwicht de leiding over in de tussenstand. Hij slaat meteen een grote kloof op Louis Detavernier en mijn broer Karel Maes. Ilse Decnuydt uit Eke maakt een indrukwekkende sprong van 221 plaatsen en zo staan er plots 3 Ekenaars in de top 10. Tijd voor de Vichtenaars om te reageren 😉
Geen Wout, geen VDP en in laatste instantie ook geen Pidcock aan de start van de ‘De Witte Straten’. Het zou een duel worden tussen de wereldkampioen en de Tourwinnaar. Een massale valpartij, veroorzaakt door een Alpecin renner die aan kop van het peloton weggeblazen werd door een sterke zijwind, schakelde al een resem schaduwfavorieten uit waaronder Benoot en Matthews. Ook Pogacar en vooral Alaphilippe kwamen zwaar ten val. De Fransman maakte een salto die er erger uit zag dan die van Van der Poel op de Olympische Spelen. Hopelijk houdt hij er niets aan over. Hij kroop in alle geval terug op de fiets. Onder begeleiding van zijn buddy Devenyns maakte hij zijn achterstand van 2 minuten terug goed. Sterker nog, op de lange strook van Monte Sante Marie ging hij zelf meteen versnellen. Hij liep echter op een counter van Pogacar, nota bene in een afdaling. Eerder op stuurmanskunst (wat kan die jongen niet?) dan op kracht reed hij weg. En waar de strook weer bergop liep, haalde hij zijn hoge vermogen boven. Resultaat: 1 minuut voorsprong. Weliswaar met nog 50km te gaan. Niemand deed hem dit ooit voor in de Strade. Het leek een onmogelijke opdracht, vooral omdat er een volledig peloton achter hem reed. Bij Quick-step sleurde Asgreen kilometers lang op kop, zonder echt dichter te komen. Tot Alaphilippe vermoedelijk het sein gaf dat hij de benen niet meer had. Ondanks het vele kopwerk ging de koele Deen dan maar alleen. Voor wie nog twijfelde: deze jongen zal klaar zijn voor de Ronde. Hij kreeg enkele interessante mannen mee. De jonge Simmons, net als vorig jaar, Tim Wellens goed hersteld van zijn ziekte die hem uit de Omloop hield en de Ecuadoriaan Jonathan Narvaez. Heerlijk aanvallende coureur die we nog gaan terug zien in het voorjaar. Ze kwamen dichter bij de Sloveen, maar die verloor nooit de controle. Ook niet toen Asgreen nogmaals versnelde en plots het gezelschap kreeg van gouwe ouwe Valverde. Die had zijn diesel opgewarmd en raapte vanuit de achtergrond nog alle achtervolgers op om tenslotte tweede te worden na de ongenaakbare Pogacar. Kan deze buitenaardse Sloveen nu de Ronde winnen volgende maand? Dat kan zeker. Maar is hij daarom de enige topfavoriet? Absoluut niet. Enerzijds mogen we niet vergeten dat er dan 2 of, als VDP klaar geraakt, 3 wereldtoppers extra aan de start zullen staan, die bovendien nog eens pieken naar die periode. Anderzijds is het als debutant toch echt niet simpel in Vlaanderen, waar positionering en parcourskennis toch cruciaal zijn. Hoe dan ook, de Sloveen is een godsgeschenk voor het wielrennen. Een Tourwinnaar die overal van proeft en vooral ook altijd met ambitie aan de start staat. Fantastische coureur.
In onze pronostiek was die Sloveen echter ontzettend duur. 3656 punten, dat is bijna de helft van het ploegbudget. Toch werd de Sloveen 21x opgesteld. Frank Naessens uit Harelbeke zal er alvast geen spijt van hebben. Het levert hem de dagoverwinning op. Dieter Van Lierde werd tweede en Wouter Vlerick was derde, en eerste van de ploegen zonder Pogacar.
In de stand neemt Davy Vaneeckhout van het Tieltse triatlon team de leiding over van Christof De Saedeleer. Freddy Maerten blijft op 3.
Onder een schitterend winterzonnetje was de zin om van bij de start te demarreren groot. Dat leidde tot een mooi groepje met vroege vluchters, waaronder streekgenoot Arjen Livyns, tijdrijder Durbridge en vluchtkoning Taco Van der Hoorn. Het peloton mocht deze mannen geen vrijgeleide geven en moest dus ook al vroeg aan de bak. Kuurne is traditioneel een afvallingskoers in de heuvelzone, met herkansing op de lokale rondjes. Zowel bij de vluchters als in het peloton werd er aan de boom geschud. In het peloton zorgden versnellingen van Asgreen en vooral Benoot, opnieuw koersbepalend en dus voor mij man van het weekend, ervoor dat er een kopgroep van 17 ontstond na samensmelting met de vroege vluchters. Dat is te veel om vlot samen te werken, waardoor het peloton tijd kreeg om te hergroeperen en de achtervolging in te zetten. Laporte, Van der Hoorn en Narvaez zagen het gevaar en gingen er alleen vandoor. Ze zongen het uit tot 200m van de finish, wat hen nog een top tien plaatsje bezorgde. En een eervolle vermelding. Van der Hoorn reed zo de hele koers op kop. 190km in de vlucht en dan stranden op 200m. En voor Narvaez was het zelfs het tweede jaar op rij dat hij in de laatste kilometer strandde na zijn kamikaze poging met Van der Poel vorig jaar. In de sprint kregen we het gehoopte titanenduel tussen Jakobsen en Ewan. Het was de Nederlander die het haalde, tot groot jolijt van zijn ploegmaats. Na een ontnuchterend weekend waarin ze overklast werden door Jumbo-Visma, gaan ze toch met een zege naar huis. Omgekeerd reed het Lotto team een sterk openingsweekend, maar blijft met lege handen achter.
In onze pronostiek was het aan de sprintersploegen. Jan De Clercq uit Eke had zo maar even 10 van de eerste 13 renners, waarvan 7 uit de top 10. Straffe prestatie. Mira Masschelein en Thijs Depraetere mogen mee op het podium.
In de stand neemt Christof De Saedeleer, zaakvoerder van C&W logistics, de leiding over van Matthias Coppens. Davy Vaneeckhout wordt tweede, voor Freddy Maerten uit Ingooigem.
Terug koers in Vlaanderen met massa’s supporters langs de kant van de weg. Een feest, zeker op zo’n prachtige pre-lente dag. De renners hadden er ook zin in. De traditionele lange vlucht genoot van de aandacht van de supporters en kreeg op 50km van de finish het gezelschap van enkele outsiders. De sterke Küng, een bevestigende Florian Vermeersch en Loïc Vliegen. Mannen die je niet te veel voorsprong mag geven. Doorgaans is het dan aan de Quick-step ploeg om de koers in handen te nemen. Nu was het echter aan de gele Jumbo armada van Wout Van Aert. Vooraf werd gespeculeerd of ze het zouden aandurven om de macht te grijpen of gingen ze eerder de kat uit de boom kijken? Het antwoord was snel duidelijk. Quick-step reed telkens achter de feiten aan. Enkel wanneer Van Aert zelf ontsnapt was met een elitegroepje door een imponerende actie van Benoot, nam Quick-step initiatief in de achtervolging. Dat was absoluut nodig want naast de 2 Jumbo’s waren ook de vinnige Colbrelli, Narvaez en Pidcock mee. Het leek verloren moeite, maar toen Benoot solo ging, viel het stil in de kopgroep en kwam alles weer samen op de Muur. Van Aert twijfelde niet en in de rotstrook tussen de Muur en Bosberg ging ie alleen aan. Campenaerts kwam nog dicht ondanks een ware pechkoers met 2 platte banden en een valpartij, maar niemand kon volgen. Ondanks de samenwerking bij de achtervolgers bleef het gat constant. Van Aert kon zich opmaken voor zijn eerste Omloop overwinning. Zo kon hij nadenken over zijn zegegebaar. Met het vredesteken verwees hij naar de waanzin van de oorlog in Oekraïne, wat hij nog eens uitlegde tijdens het flash interview. Mooie gebaar. Enfin terug naar de sport. De Belgische kampioen dus solo. Daarachter sprintte Colbrelli naar de tweede plaats, voor de Belgen Van Avermaet, Naesen en pechvogel Campenaerts. Wout wint dus meteen zijn eerste koers van 2022. Wie doet het hem na. Hopelijk niet te vroeg in vorm, denken we dan. Anderzijds, zonder koersdagen kan hij nu nog niet op 100% zitten. Hoe denken jullie er over? Geef gerust jullie mening door op deze post te reageren hieronder!
In de pronostiek was Matthias Coppens uit Zottegem de sterkste. Adrien Fleury uit Geraardsbergen werd derde, net na Mattijs Leenknegt, de regisseur van de laatste 4 edities van de Nacht van de Koers. Matthias is uiteraard ook de leider in het klassement en dat voor minstens één dag want morgen is er al Kuurne-Brussel-Kuurne. Ik verwacht dat Quick-step, na de ontgoochelende 9e plaats vandaag, morgen zal antwoorden met de pedalen en er alles zal aan doen om Fabio Jakobsen aan de overwinning te helpen.
903 dagen. Zo lang hebben we moeten wachten om eindelijk nog eens renners van Compiègne naar Roubaix te zien rijden. Het wachten werd wel beloond. Door de vele regen kregen we een heroïsche editie. Dat was van 2002, met de solo van Museeuw, geleden. Voor sommigen onder ons was het dus de eerste natte editie die ze mee maakten. Alle renners wisten dat het een dag vol grote en kleine tegenslagen zou worden, maar toch hadden ze er duidelijk allemaal zin in. Het was een uur wachten vooraleer er een vlucht weg kon rijden, maar het was wel meteen een grote groep met veel mooie namen. 31 man waaronder Gianni Moscon, Florian Vermeersch, ex-winnaar Greg Van Avermaet en nog 5 andere Belgen. Na enkele kasseistroken vielen zowel vooraan als in het peloton alles uiteen in kleine groepjes. Daar al, op meer dan 200km van de finish, reed Vermeersch weg. Enkel de Nederlander Eekhoff kon volgen. Die heeft het zich later beklaagd, want hij is nog op meer dan 12 minuten geëindigd. Op het tussenstuk tussen het Bos van Wallers en Mons-en-Pévèle werden de 2 terug gegrepen door een groter groepje. Opnieuw reed Vermeersch daaruit weg, ditmaal met Moscon en de verrassende Tom Van Asbroeck. Ondertussen waren eerst Colbrelli en daarna Van der Poel met enkele kompanen weg gereden van het mini peloton met Van Aert. Die zat niet voldoende vooraan in het bos van Wallers en reed daarna constant achter de feiten aan. Wel mooi dat hij bleef vechten. Moscon voelde de achtervolgers komen en zette op 50km een ambitieuze solo in. Die was zegerijp, tot een lekke band en een valpartij zijn voorsprong decimeerden. Op de Carrefour was zijn liedje uitgezongen. Van der Poel en Colbrelli hadden hun medevluchters intussen afgeschud. Enkel de 22-jarige Florian Vermeersch kon zijn wagonnetje nog aanpikken. Die ging op de kasseien van Gruson zowaar aanvallen en herhaalde dat nog eens in de straten van Roubaix. Waarschijnlijk verspeelt hij daar de kracht die hij tekort kwam in de eindsprint. Anderzijds was het niet zo gek om aan te vallen als je op pad bent met 2 mannen die massasprints winnen. De sprint op de piste pakte hij alvast zeer goed aan. Dan klop je als 22-jarige debutant een superman als Mathieu Van der Poel, maar komt er nog dekselse Italiaan over. De Europese kampioen rijdt al enkele maanden op een zeer hoog niveau, maar dat hij ook in Roubaix zo sterk zou debuteren, had niemand verwacht. Net als zijn theatrale overwinningstranen trouwens. Wij kunnen ons alvast optrekken aan een nieuw Vlaams toptalent. Hij stak vorig jaar voor de eerste keer zijn neus aan het venster met een sterke Gent-Wevelgem. Vorige week reed hij nog het WK voor beloften in dienst van Thibau Nys. Een week later wint hij ei zo na een heroïsch monument bij de profs. Het gaat hard. En er staat een verstandige kop op. Dat belooft.
Enkelen onder ons hadden Colbrelli of Vermeersch gespeeld, maar niemand had ze samen in de ploeg. Het werd dan ook een nek aan nek race waarin Ivan Windels Sandrino Minjauw en Andy Demey vloerde.
In de eindstand konden Thomas Soete en Ignace Devreese de leidersplaats van Stephanie Himpe niet meer bedreigen. Stephanie had naast de klassieke grote 3 ook nog Sanremo winnaar Stuyven, Ronde winnaar Asgreen en revelatie Tom Pidcock. Dan ben je de verdiende winnaar. Thomas en Ignace mogen mee op het podium en in de hall of fame. Voor Ignace is dat zelfs de derde keer op vier edities. Een bijzonder straffe prestatie.
Dikke proficiat aan Stephanie en alle ritwinnaars! Iedereen die top 3 haalde in een rit of top 10 in de eindstand krijgt zijn deeltje van de pot. De uitbetalingen zullen dit weekend uitgevoerd worden op het rekeningnummer waarmee de inschrijving is betaald. Benieuwd of onze anonieme speler ‘Black list’ zich zal bekend maken!
Aan alle spelers bedankt om deel te nemen en hopelijk tot volgend jaar!